B. Algemene instructies

In dit hoofdstuk van de encoding guide worden de meer algemene codeerinstructies beschreven, zoals:

  1. A. De beschrijving van wanneer features en attributen verplicht, voorwaardelijk verplicht en optioneel gecodeerd worden.
  2. B. De beschrijving van hoe om te gaan met het coderen van de bron van gebruikte geoinformatie, plus de wijze van vullen van attributen zoals objectnaamgeving, extra objectinformatie en externe objectbestanden.
  3. C. De beschrijving van hoe om te gaan met het coderen van de minimum schaalwaarde. Afwijken mag voor zeer kleine of zeer grote wateren.
  4. D. De beschrijving van hoe om te gaan met decimalen bij numerieke waarden; bijvoorbeeld dieptecontouren met een eenheid van 0,1 meter.
  5. E. De beschrijving van hoe om te gaan met naamgeving en weergave van teksten van objecten.
  6. F. De beschrijving van hoe informatie een ruimtelijke referentie heeft aan de ligging van lijnen en punten.
  7. G. De beschrijving van het gebruiksdoel van de Inland ENC (“Usage”).
  8. H. De beschrijving van hoe om te gaan met de UN‑locationcode / ISRS‑locationcode. Zie uitleg ISRS locationcode.
  9. I. De beschrijving van hoe om te gaan met het coderen van regelgeving in de IENC (Sectie U).
  10. J. De beschrijving van hoe een object een periode van geldigheid kan meekrijgen via DATSTA, DATEND, PERSTA en PEREND.

Encoding Guide:

B General Guidance

G.1.1 Basculebrug

Datum vaststelling: 07-10-2015


Definitie

Brug met contragewicht, die draait om een as in een verticaal vlak aan één of beide zijden (vrij vertaald )


Codeerinstructies

Brug bestaat uit meerdere delen. Beweegbare gedeelte is van type CATBRG=5 (bascule bridge), vaste gedeelte is type CATBRG=1 (fixed bridge). Als navigatiekenmerken over meerdere overspanningen verschillen, bijv. doorvaarthoogte of (on-)bevaarbaar water, dan voor elke overspanning bridge object Basculebrug aanmaken. Dit heeft in principe niets met de pijlers te maken.

 

 

 

 

EVA codeerinstructie: 14-g-1-1-bascule-bridge
EG codeerinstructie:  g-1-1-bascule-bridge


Aandachtspunten

Het attribute ‘unlocd’ moet zijn ingevuld met de zogenaamde ISRS location code (ISRS, International Ship Reporting Standard). De lijst met beschikbare ISRS-codes , de zogenaamde RIS-index, wordt onderhouden door RWS/CIV
zie ook uitleg ISRSLocation codes & de RIS index in Nederland


Objectcodering

bridge(A), C_AGGR()
(M) CATBRG = 5, (M)
wtwdis (kilometrering) Voor het invullen van wtwdis wordt de waarde van het hectometerveld uit de ISRS locationcode gebruikt; wel even door 10 delen! , verdat (indien afwijkend van C.1.5), TXTDSC voor bedieningstijden


Prioriteit uitgifte updates:
Dynamisch ( 2 uur – 7 dagen) / SemiDynamisch (2 weken-halfjaar) / Statisch (halfjaar-gepland)
Nauwkeurigheid : Grootschalige / Mediumschalige / Kleinschalige Topografie


Bijlagen


Referenties

Wikipedia: Basculebrug 
Architectenweb: Basculebrug